Afspraken maken met medewerker die vanwege corona tijdelijk vanuit thuisland gaat werken

We horen de laatste tijd steeds vaker dat medewerkers vanwege corona tijdelijk terug willen keren naar het thuisland om hun werkzaamheden vanuit daar te verrichten. Daarbij moet goed opgelet worden dat niet de situatie onstaat waarbij het hoofdverblijf verlegd wordt naar een ander land en er ook gewoonlijk vanuit dat andere land gewerkt wordt. Daardoor kan de medewerker naast het Nederlands arbeidsrecht ook aanspraak maken op het arbeidsrecht van dat andere land. Bovendien krijg je te maken met de sociale zekerheid- en fiscale wetgeving van dat land. Een situatie die voor de werkgever in meerdere opzichten zeer ongunstig kan zijn.

 

Wil je als werkgever voorkomen dat er later problemen ontstaan, dan is het belangrijk dat voor vertrek afspraken met de medewerker op schrift worden gezet in de vorm van een aanvulling op de arbeidsovereenkomst.  Het benadrukken van de tijdelijkheid is daarbij van belang om te voorkomen dat er een nauwere verbondenheid met het andere land ontstaat. Spreek bijvoorbeeld af dat het thuiswerken in het kader van de pandemie plaatsvindt en benadruk de tijdelijkheid door een concrete datum van terugkeer op te nemen. Denk hierbij aan een termijn van maximaal een half jaar. Wijs werknemers erop dat ze zich niet zomaar uitschrijven uit de gemeentelijke persoonsregistratie, behalve ingeval dit een wettelijke verplichting is.

 

Spreek met de medewerker tevens af dat deze bij ziekte langer dan 1 maand en bij disfunctioneren terugkeert. Dit omdat de re-integratie verplichtingen van de werkgever in het kader van Poortwachter en het bieden van een verbetertraject bij disfunctioneren vanuit het buitenland praktisch niet te doen zijn.

 

Mochten er problemen ontstaan omdat de medewerker bijvoorbeeld niet meer terug wil keren, dan kan je als werkgever op basis van de gemaakte afspraken maatregelen nemen, zoals inhouding salaris.

 

 

Datum laatste wijziging: 11/12/2020